R.K. Parochie Heilige Nicasius

logoinjpg

Boete en Verzoening

Als mensen zijn we helaas niet perfect. Als we eerlijk naar onszelf kijken dan weten we dat zaken als hoogmoed en ijdelheid, hebzucht en gierigheid, wellust, afgunst en jaloezie, gulzigheid, woede en ook gemakzucht een invloed op ons hebben. Daardoor doen we dingen die we later betreuren. We doen onze dierbaren tekort en dan is het goed om aan hen vergiffenis te vragen.

Maar we kunnen daarnaast door onze neiging om slechte dingen te doen ook God afwijzen. We keren ons tegen de liefde van God en daardoor raken we steeds verder van Hem verwijderd. Toch kunnen we het ook met God weer goedmaken. En daarom is het Sacrament van Boete en Verzoening (de biecht) ingesteld.

biecht

"Jezus zelf heeft het sacrament van boete en verzoening ingesteld toen Hij op de paasdag De priester die dus bemiddelt tussen God en de mensen mag in geen enkel geval spreken over wat een biechteling aan God via hem toevertrouwt. Deze zwijgplicht geldt ook tegenover de politie.verscheen aan Zijn leerlingen en hun opdroeg: "Ontvang de Heilige Geest. Als jullie iemands zonden vergeven, dan zijn ze vergeven; vergeven jullie ze niet, dan zijn ze niet vergeven’ (Joh. 20, 22a-23). Nergens heeft Jezus mooier gezegd wat er in het boetesacrament gebeurt dan in de gelijkenis van de verloren zoon: wij raken de weg kwijt, verliezen onszelf, kunnen niet meer. Maar onze Vader wacht op ons met groot, ja eindeloos verlangen; Hij vergeeft ons als wij terugkomen; Hij neemt ons weer aan, vergeet de zonde. Jezus zelf heeft veel mensen hun zonden vergeven; dat was voor Hem belangrijker dan wonderen doen. Hij zag het als het grote teken voor het aanbreken van het rijk van God, waar alle wonden geheeld en alle tranen gedroogd worden. De kracht van de Heilige Geest, waarmee Jezus zonden vergaf, heeft Hij doorgegeven aan zijn Apostelen. Als wij naar een priester gaan en biechten, vallen we in de armen van onze hemelse Vader" (Youcat, nr. 227).

Paus Franciscus over het Boetesacrament

Wat is er allemaal nodig voor de biecht?

1. Gewetensonderzoek
Allereerst is het belangrijk om te onderzoeken waar je schuld voelt ten opzichte van God en ten opzichte van de medemens. Je denkt dus na over de zonden die je begaan hebt sinds de laatste biecht.
Een goed hulpmiddel hierbij is een zogenaamde biechtspiegel. Aan de hand van enkele vragen kun je voor jezelf nagaan waar je gezondigd hebt. Een voorbeeld van een biechtspiegel is hier (http://www.jongerlo.org/geloofsvorming/archief_liturgie/geloofsvorming_liturgie_gewetensonderzoek.htm) te vinden.

2. Berouw
Als je gaat biechten dan is het heel erg belangrijk om wel echt berouw te hebben. Om spijt te hebben en om het vaste voornemen te hebben om niet meer te zondigen. God kan niemand vergeven die met een zekere trots gaat opsommen wat voor kwade dingen hij allemaal gedaan heeft. De mens moet wel meewerken met Gods genade en bij de biecht hoort daar bij het hebben van berouw. Echt inzien dat het zo niet verder kan en weten dat je God nodig hebt om echt die man of vrouw te worden die je in potentie zou kunnen zijn.

3. Voornemen
Bij de biecht is het verder goed om ons voor te nemen om de zonden te vermijden, om de schade die is aangericht bij anderen te herstellen en om God voortaan trouw te dienen.

4. De Belijdenis van de zonden
Bij het Sacrament van Boete en Verzoening wordt je door de priester ontvangen in de biechtstoel in de kerk of in een andere ruimte. Hij zal na het maken van een kruisteken alle gelegenheid bieden tot het belijden van de zonden. Het is goed om bij het uitspreken hiervan enige schaamte te voelen maar het is absoluut niet nodig om van sommige zonden te denken: wat zal die man hier van denken? Een wijze priester die in zijn leven veel biecht gehoord heeft zei ooit: Ik heb in de biecht nog nooit iets gehoord wat ik zelf niet zou kunnen doen. En dat is waar. Ook de priester heeft het Boetesacrament nodig en hij zal zich verheugen over iedereen die zich via het Boetesacrament met God wil verzoenen.

Oefening van berouw

Barmhartige God,

ik heb spijt over mijn zonden,

omdat ik uw straffen heb verdiend;

maar vooral, omdat ik U,

mijn grootste Weldoener en het hoogste Goed,

heb beledigd.

Ik verfoei al mijn zonden en beloof,

met de hulp van uw genade,

mijn leven te beteren en niet meer te zondigen.

Heer, wees mij zondaar genadig!

 

Nadat de biechteling de zonden heeft beleden zal de priester in het kort wat mogelijkheden ter verbetering aangeven. Daarna is het goed om, alvorens vrijspraak van de zonden te verkrijgen, een oefening van berouw te bidden. Vervolgens geeft de priester namens God de absolutie, de vrijspraak van de zonden.

5. Penitentie
Net voor de absolutie geeft de priester een penitentie mee. De penitentie is een kleine daad van boete. Het kan bijvoorbeeld gaan om het verrichten van een paar gebeden.